Jezus de weg VS Jezus een weg

18-01-2021

Stel je eens voor, je beste vriend en meester gaat sterven. Hij vertelt het jou en je vrienden kort van te voren. Dit zal Zijn laatste maaltijd zijn, één van jullie zal Hem verraden en overgeven aan de vijand. Hoe geschokt zou jij zijn? Hoe ontzettend goed zou je luisteren naar de laatste woorden die Hij te zeggen heeft? Dit zijn namelijk Zijn laatste en misschien wel meest belangrijke woorden.
De discipelen zaten in die situatie. Hun Meester, van Wie ze zoveel hielden, zou gaan sterven en sprak Zijn laatste Woorden tot hen. Laten we samen gaan kijken naar de laatste woorden van onze Heere Jezus, die Hij tot Zijn leerlingen sprak en dus ook tot jou.

Inleiding
In Johannes 14 begint Jezus met Zijn afscheidswoorden richting Zijn leerlingen. Dit deed Hij vlak voordat Hij gevangen genomen werd, tijdens het laatste avondmaal (Johannes 13:2). Onder het eten vertelde Jezus hen dat Hij snel zou heengaan en dat iemand van hen Hem zou verraden en aan de vijand zou uitleveren (Johannes 13:31-33). Verder zei Hij tot Petrus dat Petrus Hem zou gaan verraden. Dit alles wat Jezus hen vertelde bracht hen in de war. Stel je eens voor dat jij Petrus was. Je beste vriend, je meester, vertelt dat Hij snel zal heengaan en zegt dat jij Hem zult verraden vlak voor Zijn dood. Hoe heftig is dat?! Ik kan me zo voorstellen dat de discipelen compleet in de war waren, niet meer wetend wat ze moesten zeggen. En op dat moment zei Jezus dat zij zich niet van de kaart moesten voelen. Jezus probeerde de discipelen te helpen deze schok te boven te komen door hen opnieuw te vertellen Wie Hij is en hen aan te sporen Hem te vertrouwen. De discipelen geloofden in God en vertrouwden op Zijn woorden. Jezus moedigde hen aan hetzelfde geloof en vertrouwen te hebben in Hem, Hij die door de Vader naar de aarde was gestuurd.

Vervolgens bemoedigde Jezus de discipelen door te zeggen dat Hij naar het huis van Zijn Vader heenging, om een plaats voor hen klaar te maken. Hij beloofde hen terug te komen om hen op te halen bij Zijn wederkomst. Daarnaast beloofde Hij hen dat de Heilige Geest over hen uitgestort zal worden. In Johannes veertien vers vier maakt Jezus nog eens duidelijk dat zij in Hem altijd dichtbij de Vader zouden zijn. De weg die zij moesten gaan is de weg die naar de Vader leidt. Thomas, een discipel die veel twijfels had, vroeg Jezus welke weg zij dan moesten gaan, waarop Jezus antwoord:

''Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij. - Johannes 14:6, HSV

Met betrekking tot de Thora waren de discipelen bekend met deze drie termen (psalm 119: 1, 30 en 37). Jezus betrok deze drie termen op Zichzelf. Wanneer de discipelen een leven met de Vader wilden leven, moesten zij die weg gaan: Jezus. Jezus is de weg tot de Vader. Op geen enkele andere manier dan door Jezus konden zij een relatie met de Vader hebben. Jezus zegt tegen Thomas dat als hij Hem had gekend, hij de Vader zou kennen. Dit klinkt als een verwijt, en lijkt op wat Jezus tegen de farizeeën zei (Johannes 8:19). Jezus verwijt Thomas dat wanneer hij beter naar Hem hadden geluisterd, hij de Vader beter gekend zou hebben en niet had hoeven vragen wat de weg is naar de Vader. Hierna bemoedigt Jezus hem direct met het feit dat nu Hij hem zo duidelijk de weg naar de Vader had gewezen, hij nu beter zag dat Jezus de enige weg tot de Vader was.

Toen Jezus dit had verteld vroeg Filippus Jezus om de Vader te laten zien, zoals de Vader aan Mozes verscheen. Dit, zodat al hun twijfels met betrekking tot de Vader verdwenen zouden zijn. Jezus antwoordde hem en wees hem terecht: ''Wie Mij heeft gezien, heeft de Vader gezien. Hoe kunt u dan nog zeggen: Laat ons de Vader zien? Gelooft u niet dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij is? De woorden die Ik tot u spreek, spreek Ik niet uit mijzelf, maar de Vader, Die in Mij blijft, Die doet de werken'' (Johannes 14:9-10). Toen zei Jezus tot hen dat wanneer zij Hem niet op Zijn Woorden wilden geloven, zij Hem door de werken die Hij had gedaan moesten geloven. Deze werken getuigden namelijk van Hem. Vervolgens zei Hij tegen de discipelen dat zij ook de wonderen konden doen die Hij had gedaan, als zij hierom baden in Zijn naam. Met als doel dat de Vader in de Zoon verheerlijkt zou worden!

Vorige week hebben we gekeken naar valse leer en wat daar het gevaar van is. In de tijd waar we nu in leven proberen veel mensen gered te worden van de onvrede en leegte in hun hart. Ten diepste is iedereen bezig met het zoeken naar vervulling en zingeving. Ten diepste is iedereen op zoek naar vrede voor de dood. Sommigen zoeken het in de reïncarnatie en geloven dat zij zelf god zijn, anderen zoeken het bij Allah en weer anderen geloven dat er geen god is en geen leven na de dood. Ook kun je als christen denken dat je met goed leven, de hemel kunt verdienen. Of kun je denken dat God van iedereen houdt, waardoor iedereen in de hemel zal komen. Dit is een halve waarheid, omdat God van iedereen houd, maar heilig en rechtvaardig is waardoor Hij alleen degenen die het offer van Jezus hebben aangenomen, toegang kan geven tot de hemel.

Jezus zelf geeft in dit gedeelte antwoord op de vraag hoe je een relatie met God kunt krijgen. Hij zegt: ''Ik ben de weg, niemand komt tot de Vader dan door Mij.'' Niemand kan een relatie met God hebben, wanneer je niet eerst door de deur, namelijk Jezus bent gegaan (Johannes 10:9). Jezus noemt hier het voorbeeld van een stal met schapen. Er was in die tijd maar één deur in die stal, waar de herder 's nachts in de deuropening lag te slapen. Op deze manier konden rovers en wilde dieren niet binnenkomen. Want de enige weg werd geblokkeerd door de herder. Wanneer de schapen naar binnen gingen konden ze alleen door die deur naar binnen. Wanneer wij gered willen worden van onze zonde en van ons eigen vlees, moeten we Jezus aannemen als redder en daarmee de enige deur doorgaan. Deze deur leidt tot onze redding. Er is geen enkele andere deur tot redding en geen enkele andere weg die leidt naar vergeving van zonde en een relatie met de Vader, dan Jezus alleen!

Je kunt proberen een andere deur te zoeken tot God, maar die is er niet. De enige weg om tot God te komen is door je knieën te buigen en Gods verzoeningsoffer vol eerbied en ontzag aan te nemen! (2 Korinthe 5:18). En dan heb je vrede, wordt je vervuld en hoef je niet meer te blijven zoeken naar iets of iemand die die leegte in je kan vullen!

Verder op reis
Denk eens na over de volgende vragen:

  • Ben jij de enige Deur tot de Vader binnengegaan, namelijk door het verzoeningsoffer (Jezus) van God aan te nemen?

  • Probeer jij op een andere manier een relatie aan te gaan met God dan door Jezus?

  • Vertrouw jij God? en waarom wel of niet? Breng dit ook in gebed bij Hem. Jezus zei tegen de discipelen dat als ze Hem kenden, ze Hem zouden vertrouwen. Dus als je het moeilijk vindt om God te vertrouwen, verdiep je in Wie Hij is. 


Deze overdenking is geschreven door Marjon. Lees hier meer over haar en de andere gezichten achter 'In de Vallei'.

Heb je vragen of opmerkingen naar aanleiding van deze overdenking? Neem dan hier contact met ons op, of benader ons via social media.


Heb je deze al gelezen?

Lees hieronder eerdere overdenkingen! 


Eerder heb ik al blogs geschreven over mijn chronische ziekte, over het verloop daarvan en over onbeantwoorde vragen die je kan hebben. Elke blog die ik schrijf, bevat wel een persoonlijk element in meerdere of mindere mate en dat geldt zeker voor deze blog. Het is niet een onderwerp waar ik heel trots op ben en ook niet...

We hebben allemaal denk ik wel eens gehoord dat we als christen onszelf moeten verloochenen. Niet meer voor onszelf moeten leven maar voor God. Hoe verloochen je jezelf en hoe ziet dat er praktisch uit? Ik vond dit altijd erg lastig. En nog steeds, maar God leerde mij de afgelopen weken hier een grote les in.

'Daarom zult u de HEERE, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht.' (Deut. 6:5)
Hoe vaak heb jij deze woorden al gehoord? Ik best heel vaak eigenlijk. Ontelbaar vaak. Eerlijk gezegd dringen ze meestal niet eens meer tot me door. De essentie begrijp ik wel: God dienen met alles wie...